Pools onderzoek toont aan dat recreatiepaarden humeurig kunnen reageren als ze aan het werk moeten bij temperaturen boven de 26 graden.Ook harde wind bij een kracht van circa 20 km per uur kan leiden tot ongewenst gedrag.
Iwona Janczarek onderzocht samen met haar collegae een scala aan atmosferische omstandigheden die van invloed zouden kunnen zijn op het gedrag en de fysiologische conditie van recreatiepaarden.
De onderzoekers van de Universiteit van Life Sciences in Lublin, Polen, onderzochten het gedrag van 16 Anglo-Arabische ruinen over een periode van twee maanden (juli en augustus). Daarbij werden de paarden elke dag tussen 09:00 en 10:00uur onder het zadel aan het werk gezet.
De ruiters van de paarden vulden samen met de onderzoekers vervolgens per dag een lijst in waarbij van elk paard werd geëvalueerd wat het humeur en de werklust was van die dag.
Het onderzoeksteam bracht daarnaast voorafgaand en na afloop van de training het hartritme, lichaamstemperatuur en ademhaling van elk dier in beeld. Ook de metingen van luchttemperatuur, luchtvochtigheid, windsnelheid en luchtdruk werden op diezelfde momenten gemeten.
Onderzoeksresultaten wijzen uit dat veranderingen in het gedrag optreden wanneer paarden worden gereden bij een temperatuur boven de 26 graden en bij een windkracht boven de 19.8 km/u.
“Deze condities kunnen mogelijk een verandering van het humeur en verminderde werklust veroorzaken”, rapporteerden de onderzoekers aan het Animal Science Journal.
De luchtvochtigheid en luchtdruk veroorzaakten echter geen zichtbaar effect op het gedrag van de paarden.
Fysiologische parameters zoals hartslag en lichaamstemperatuur creëren volgens de onderzoekers een duidelijker beeld over de reactie van het paard bij wisselende weersomstandigheden dan veranderingen in het gedrag.
